Waarom geen CBF Keurmerk?

Steeds vaker krijgen wij als stichting de vraag waarom wij geen keurmerk, zoals bijvoorbeeld het CBF keur, voeren. In de grote (papieren) nalatenschap van Jacques kwam ik een nieuwsbrief uit oktober 2006 tegen: “Onlangs kreeg ook het Centraal Bureau voor de Fondsenwerving (CBF) te maken met een nieuwkomer op dit terrein. Namelijk de Stichting Keurmerk Goed Besteed (KGB). Een gevolg van vrije marktwerking?

Eén van de belangrijkste taken van het CBF is het beoordelen van fondsenwervende instellingen. De bekendste beoordelingsvormen zijn het CBF-keurmerk en de verklaring van geen bezwaar; deze laatste speciaal bestemd voor kleine, nog maar kort bestaande Goede Doelen, die niet of nog niet aan de gestelde criteria voor het keurmerk kunnen voldoen (bijv. 100% naar het Goede Doel, zoals al 40 jaar traditie traditie bij Zienderogen). De certificeringen van het CBF geven aan dat een goed doel minder dan 25% besteed aan fondswerving. Voorts, of de instelling beschikt over een goedkeurende accountantsverklaring (kan ook bij Zienderogen, als de aanvragende aangeeft dat hij/zij bereid is de rekening van de accountant te voldoen). Veel Goededoelers hebben een CBK-keur aangevraagd, omdat volgens hen het keurmerk het vertrouwen wekt bij donateurs dat hun gift goed besteed wordt. Drie ondernemers, die ervaring hadden opgebouwd met goede doelen, meenden echter dat er een groeiende markt bestond voor een goedkoper alternatief voor het CBF-keurmerk. De kosten, die daar mee zijn gemoeid, zijn met name te hoog, aldus het KGB.

De prijsvoorbeelden, die het KGB aanhaalde, werden vrij snel door het CBF als ‘foutief’ afgedaan. Sindsdien benadrukken beide keurmerk verlenende instanties dat de een goedkoper is dan de ander en betwisten zij de waarde die gehecht moet worden aan elkaars keurmerk. Voor zover bekend hebben al enkele Goede Doelen het KGB-keurmerk verkregen. Ondanks het vergrote aanbod aan keurmerken voor Goede Doelen onderneemt de Stichting Zienderogen, zoals gezegd, geen actie om een keurmerk te verkrijgen. Het is echt niet zo, zoals veel mensen denken, dat een keurmerk een absolute waarborg is voor een goede besteding van gelden; dit is mijn schijn. Hooguit de indruk wordt gewekt. Een keurmerk geeft alleen aan dat minder dan een kwart van het gedoneerde geld opgaat aan marketing en/of dat de accountant zijn zegen heeft gegeven over de jaarrekening. Hoeveel er van dat resterende bedrag aan overhead, zoals personeels- en kantoorkosten wordt besteed, wordt buiten beschouwing gelaten bij de verlening van het keurmerk. “De goede besteding van fondsen is totaal niet te controleren, op welke wijze ook”, meldt het KGB in één van zijn persberichten. Het pronken met een keurmerk heeft dan ook inhoudelijk weinigom het lijf.

Daarnaast zijn de kosten die beide instanties vragen aanzienlijk. Dat is een bedrag dat voor een stichting met een klein budget als Zienderogen nog steeds zo hoog, dat deze niet opwegen tegen de baten, c.q. de extra donaties die het keurmerk zou opleveren. Overigens heeft nog nooit iemand bij onze penningmeester nagevraagd waarom wij geen keurmerk hebben. Dit relativeert de publiek toegedichte waarde van het keurmerk in onze ogen weer.”

Zienderogen geeft er in 2011 ook de voorkeur aan om geen keurmerk aan te vragen en de financiële verantwoording van de besteding van fondsen te publiceren in de regelmatig verschijnende nieuwsbrieven. Uiteraard is ook voor iedere belangstellende mogelijk onze financiële huishouding in te zien.

Jeroen Mulder, Secretaris Stichting Zienderogen