Het ontstaan van een nieuwe Oekraïne missie

Welkom

Er zijn voorzichtige plannen om in april 2009 een nieuwe missie te organiseren naar de Oekraine. Sinds 2001 is er een warme vriendschap met het Oost-Europese land. Even terug in de tijd: april 2001:

“Zienderogen” naar de Oekraine…

Aandachtige lezeressen en lezers van ons Bulletin zullen zich ongetwijfeld herinneren, dat Vera en ik in augustus van het vorige jaar (2001) hebben deelgenomen aan het 66e Internationaal Kongres van Blinde Esperantisten in Plovdiv (Bulgarije). ‘Zienderogen’ werd bij die gelegenheid met een gouden medaille onderscheiden door de Bulgaarse Blindenbond.

Het aardige van zo’n internationale ontmoeting, waarbij grenzen, muren en taalverschillen een week lang wegvallen om plaats te maken voor dromen, ideen en idealen die van meetaf aan sterk verbonden zijn met de Esperanto-Beweging, is dat er veel kontakten worden gelegd of vernieuwd, afspraken gemaakt, informatie en uitnodigingen uitgewisseld, en zo meer. Het is weldadig te zien, hoe mensen met een visuele handicap uit midden- en oost-europese landen, die alle grijze en grauwe en donkere dagen voor het probleem staan hoe te leven en te overleven, elkaar ontmoeten en vinden, bereid te helpen en te steunen. Een zorgeloze week lang kunnen ze even de zorgen van alledag vergeten!

Tijdens dit kongres werd ik uitgenodigd door enkele deelnemers uit de Oekraine. “Ben je nog nooit in de Krim geweest?” en “Waarom kom je niet eens naar ons toe met een oogarts of opticien?” Het valt niet mee om steeds opnieuw specialisten te strikken, die zich een dag of wat in een arm land willen inzetten. Des te groter mijn vreugde, toen opticien Co Croese me opbelde met de mededeling, dat hij wel een keer op reis wilde.

Er worden dan bezoeken afgelegd. Data afgesproken. Literatuur geraadpleegd. Je wilt wat meer weten over geschiedenis, taal en cultuur. Voorbereidingen worden getroffem en grote hoeveelheden monturen en leesbrillen opgestuurd naar degene, die de eindverantwoordelijkheid gaat dragen voor een goed opgezet hulpverleningsprogramma. Er komen officiele uitnodigingen van de Blindenbond en Geneeskundige Diensten enzovoort., keurig in het Oekraiens met vertaling in de Tweede Taal voor Iedereen. Er zijn visa en tickets nodig. We willen graag bij particulieren overnachten, maar dat laten de regels in de Oekraine niet toe. Uit de zeer intensieve korrespondentie, die ik in het braille voer, wordt al gauw duidelijk, dat de bureaucratie groot is in dit land en de wetten van de ene op de andere dag gewijzigd kunnen worden.

De laatste maanden horen we, dat Unicef zich sterk maakt voor ‘de vergeten kinderen van Oost-Europa’. Dat zal ook onze eerste doelgroep worden. We trekken iedere dag op naar kinder- en weeshuizen, slechtzienden- en dovenscholen, verzorgingstehuizen, sociale werkplaatsen, gevangenissen en psychiatrische klinieken. Elke dag tussen de honderd en tweehonderd oogmetingen. Elke dag vroeg opstaan en laat naar bed. Elke dag zien en horen, dat mensen aan de rand van de afgrond leven. Dat ze vaak maanden op hun loon moeten wachten, als ze tenminste zo gelukkig zijn werk te hebben.

Op 8 april a.s. is het dan zover. Co heeft goed geoefend met de modernste apparatuur, die we meenemen, want we willen veel mensen helpen en dat betekent: efficient werken! We zullen de Goede Week en de Paasdagen doorbrengen in een deel van een enorm groot land, waar midden 19e eeuw een verschrikkelijke oorlog woedde. We komen op plekken, waar Florence Nightingale haar voet- en hartafdrukken op een onvergetelijke wijze heeft achtergelaten.

Zojuist schreef onze gastvrouw Ella Ruban me uit Simferopol: “Ik ben lijsten aan het aanleggen van slechtzienden, die graag door Co willen worden geholpen. Ik heb al heel wat namen verzameld. Kunnen we ook naar een groot tehuis gaan, waar honderden straatarme en zieke kinderen worden opgevangen?” Natuurlijk! Veel van die misdeelde kinderen zullen over een paar maanden in elk geval de zon beter zien opkomen en ondergaan. Een heel klein lichtpuntje, dat zo weinig kost en zoveel betekent…

Jacques Tuinder, 24 maart 2001